Toekomstverhalen
Toekomstverhalen vertalen abstracte scenario’s naar beleefbare werelden. Ze maken zichtbaar hoe grote ontwikkelingen — klimaat, technologie, geopolitiek, zorg, arbeid, ongelijkheid — landen in het dagelijkse leven van mensen. Niet als voorspelling, maar als narratieve toekomstverkenning: een methode om mogelijke toekomsten invoelbaar, bespreekbaar en strategisch bruikbaar te maken.
OVERWINTEREN
Na de Breuk is winter geen seizoen meer. In Vlaanderen hebben mensen geleerd om maandenlang binnen te blijven. Buiten is de kou dodelijk, binnen telt alles: warmte, brood, plaats, stilte. Pieter en Ellen proberen met hun kinderen Noor en Leon de winter door te komen zoals iedereen dat doet: deuren dicht, kamers afsluiten, eten verdelen, niet te veel vragen stellen. Hun huis is klein geworden, maar het werkt. Net. Tot er op een avond iemand uit de kou wordt binnengebracht. Milan zegt weinig. Te weinig. Niemand weet precies waar hij vandaan komt, wat hij heeft meegemaakt of wat hij verbergt. Maar vanaf het moment dat hij in hun leefruimte ligt, verandert alles. Er is een lichaam bij, een mond bij, een verhaal dat niet klopt — of dat niemand durft te begrijpen. Terwijl buiten de sneeuw hoger komt en de wereld steeds stiller wordt, begint binnen de spanning te schuiven. Hoe lang kun je iemand helpen als je zelf bijna niets meer hebt? Wanneer wordt medelijden gevaarlijk? En wat gebeurt er met een gezin wanneer één onbekende jongen alles zichtbaar maakt wat al op breken stond? "Overwinteren" is een beklemmende klimaatroman over een gezin, een huis en een winter die niet zomaar voorbijgaat. Literair, toegankelijk en donker intiem: voor lezers van verhalen waarin het gevaar niet alleen buiten zit, maar langzaam mee naar binnen komt.
ADEMLOOS
Ademloos is een literaire pandemieroman vanuit het perspectief van Sara, een meisje op de grens tussen kindertijd en puberteit. Wat begint als een gewone schoolochtend — brooddozen, een beer in haar tas, kleine gezinsrituelen — kantelt wanneer er een dode merel op straat ligt en de school plots regels invoert: niets oprapen, handen wassen, niet delen. Al snel blijkt dat niemand precies weet wat er aan de hand is. Terwijl berichten, oudergroepen, schoolmails en geruchten elkaar tegenspreken, vernauwt Sara’s wereld. De klas wordt onveilig, het huis wordt een quarantaineplek, het gezin raakt steeds meer afgesloten. Wanneer haar broer Jonas ziek wordt en sterft, verschuift het verhaal van voorzichtigheid naar verlies. Daarna volgt het gezin de instortende zorgketen naar een overvolle opvangzaal, waar patiënten op matten liggen, nummers belangrijker worden dan namen, en ademen zelf een teken van dreiging wordt. Sara probeert houvast te vinden in kleine dingen: bekers, lijstjes, regels, haar beer, de rode auto van Lucas, de stem van haar vader. Maar terwijl ook haar moeder, broertje en vader uit haar bereik verdwijnen, moet ze iets onder ogen zien waarvoor geen volwassen geruststelling meer bestaat: dat zorg niet altijd redt, dat regels niet altijd beschermen, en dat blijven ademen soms het enige is wat nog overblijft.
BRUGSE DODEN
Brugse Doden is een literaire horrorroman over toeristen die vastlopen in Brugge wanneer de ansichtkaartstad verandert in een vijandige ruimte. Wat begint als een rondvaart — reien, bruggen, gidsstemmen, een pijnlijke enkel — kantelt wanneer het water verkeerd ruikt, telefoons wegvallen en op kades sporen verschijnen die niemand wil benoemen. Niemand weet wat er aan de hand is. Hotels sluiten, loketten zwijgen, schermen vragen om kalmte, en de stad organiseert zich met briefjes, linten, wachtrijen en deuren. Terwijl trage, natte lichamen door stegen en over bruggen schuiven, vernauwt de groep rond Marie, gewond en afhankelijk van medicatie. Noor leest de regels sneller dan de anderen, Laila ziet gevaar vóór het wordt uitgesproken, Kenji bewaakt stilte, Diego vertrouwt te lang op charme, en de verteller zoekt woorden die niets openen. Wanneer Kenji gebeten wordt en moet worden achtergelaten, verschuift het verhaal van overleven naar schuld. Daarna wordt elke uitweg een onderhandeling: cash, paspoorten, pillen, sleutels, plaats op een boot. Brugge is niet langer decor, maar filter: wie ziek, vreemd, vuil of nutteloos lijkt, valt uit de bescherming. Aan het einde is er geen redding, alleen een achterpad, modder, adem en bloed dat niet weggaat — en de vraag of veiligheid nog iets betekent zodra niemand je binnenlaat.
UITGEDROOGD
Uitgedroogd is een climate thriller in de tweede persoon, waarin de lezer een gewone burger wordt tijdens drie maanden hitte en droogte in Vlaanderen. Wat begint als een gewone douche — water op je hoofd, een hittewaarschuwing op je telefoon, iemand die roept dat je moet opschieten — kantelt wanneer de nacht niet afkoelt, deuren dicht blijven en regen uit de voorspelling verdwijnt. Eerst lijkt alles nog beheersbaar. Werk, school en winkels gaan door, er komen tips om water te besparen, en je vult één fles extra voor de zekerheid. Maar naarmate de droogte blijft duren, wordt water publiek. Je schuift aan bij een verdeelpunt, ziet lege rekken, zoekt koelte en merkt hoe regels bepalen wie nog krijgt wat vroeger uit de kraan kwam. De crisis wordt geen spectaculaire instorting, maar een opeenstapeling van kleine vernauwingen: lauw water, rooklucht, een stilgevallen ventilator, een omgevallen bidon. Wanneer hulp controle wordt, voorraad verdacht en officiële taal zachter klinkt naarmate de keuzes harder worden, verschuift ook jouw grens. Je verbergt water. Je zegt niets. Je opent niet. Uiteindelijk staat er iemand aan je deur met een lege fles, terwijl jij nog water achter de emmer hebt. Je zegt dat het op is. En wanneer het eindelijk begint te regenen, valt het water opnieuw op je huid, maar niet meer op iemand die onschuldig is.
MAANRUIS
Maanruis is een narratieve toekomstverkenning over een wereldoorlog die rond de maan begint, maar Vlaanderen binnendringt via storingen, schoolbrieven, havenroutes en noodroosters. Wanneer een conflict rond maanwater, veiligheidszones en cislunaire infrastructuur escaleert, blijft het dagelijkse leven vreemd genoeg doorgaan: mensen pendelen, werken, betalen, zorgen, wachten. Maar de maan is niet langer een gedeeld symbool boven de straat. Ze wordt infrastructuur, bezit, risico en propaganda. Terwijl betaalterminals haperen, kinderen “netwerkloos” leren en havens onder prioriteitsregime komen, ontdekt een gewone Vlaamse gemeenschap dat de oorlog ver weg is — tot alles dichtbij ernaar begint te handelen.
EN TOEN GING HET LICHT UIT
En toen ging het licht uit is een literaire toekomstroman over een gezin in een nabije toekomst waarin systemen het dagelijks leven zacht maar dwingend ordenen. Wat begint als een gewone ochtend — koffie die wordt uitgesteld, brooddozen op het aanrecht, schoolroutes op glas, een tasje dat niet werd aangevuld — kantelt wanneer het licht verdwijnt en de schermen zwijgen. Eerst lijkt alles nog beheersbaar. Tom noteert wat er gebeurt, Sara zoekt een oplossing, Jonas wil niet gezien worden, Lotte volgt regels die ze amper begrijpt, en Bas voelt de onrust. Maar naarmate de storing blijft duren, wordt duidelijk hoeveel vrijheid al uit handen was gegeven. Routes bestaan niet meer, meldingen komen niet terug, deuren klinken anders, en elk gebaar krijgt gewicht. De crisis wordt geen spectaculaire instorting, maar een opeenstapeling van vernauwingen: koude keuken, telefoonlicht op de trap, een gang waar iemand luistert, een hond die niet blaft. Wanneer comfort onzeker wordt, informatie ontbreekt en taal uitvalt, verschuift ook de grens.
Door storytelling, worldbuilding, empathie en emotie te combineren, brengen toekomstverhalen scenario’s tot leven. Ze tonen niet alleen wat er kan veranderen, maar ook wie geraakt wordt, welke waarden onder druk komen te staan, welke keuzes ontstaan en welke blinde vlekken zichtbaar worden. Speculative fiction fungeert daarbij als onderzoeksruimte: een manier om signalen uit het heden door te trekken, aannames te testen en organisaties of gemeenschappen te laten oefenen met onzekerheid.
De kracht van toekomstverhalen ligt in hun vermogen om rationele analyse te verbinden met menselijke ervaring. Ze maken scenario’s concreet, meerstemmig en moreel geladen. Daardoor versterken ze futures literacy, strategische verbeelding en besluitvorming in complexe tijden.